fbpx
Selecteer een pagina
Op het bondsbureau van de NTTB werken twintig collega’s. Iedereen heeft zijn eigen verantwoordelijkheden en specialiteiten om ervoor te zorgen dat de leden van de NTTB kunnen tafeltennissen. Iedere maand stellen we een medewerker elf vragen. Zo leren we hem of haar beter kennen. Deze maand spreken we met Antoinette de Jong.

1. Wat is je functie bij de NTTB?
Ik ben werkzaam als directiesecretaresse en ondersteunend voor topsport.
Maar in de praktijk komt het erop neer dat ik heel veel andere dingen “erbij” doe. Denk aan het (mede)organiseren van bijvoorbeeld de kerstactiviteit en het regelen van de kerstattenties, in de coronaperiode het mede verzorgen van informatie voor verenigingen, het mede opzetten van de AVG-regels en het uitvoeren daarvan, het verzorgen van een deel van de salarisadministratie, het ondersteunen van diverse commissies, maar ook het me bemoeien met allerlei zaken die voor de hele verdieping met sportbonden van belang zijn. Zoals het samen met Gijs Selderijk van de KNBSB (Koninklijke Nederlandse Soft- en Baseball Bond) organiseren van de jaarlijkse barbecue, het bestellen van flip-overpapier, het doorgeven van storingen aan de beheerder van het pand, contacten met de andere huurders van het gebouw, het regelen van de BHV op de etage, enzovoort.

Ik heb een heel afwisselende baan waarin geen dag hetzelfde is. Overigens ben ik niet altijd werkzaam geweest in deze functie. Ik heb voor bijna iedere afdeling gewerkt, behalve voor de financiële administratie.

2. Hoe lang werk je al op het bondsbureau?
Per 1 februari 1993 ben ik begonnen via een uitzendbureau en per 1 mei 1993 kwam ik in dienst van de NTTB. Om het niet uit te hoeven rekenen: 33 jaar dus.

3. Hoe ben je bij de NTTB gekomen?
Via een uitzendbureau, dus het was puur toeval dat ik bij de NTTB terechtkwam. Voor hetzelfde geld was het een autofabrikant geweest of een koekjesfabriek. Ik was enkele jaren thuis geweest met de kinderen en wilde toen weer aan de slag. Randstad Uitzendbureau organiseerde een opfriscursus voor secretaresses en bemiddelde bij het vinden van een baan. Ik werd naar de Tafeltennisbond gestuurd, die toen nog op het Oostwaarts in Zoetermeer zat. Na een gezellig en goed gesprek met de toenmalige directeur, Hubert Speekenbrink, zei hij dat hij het prettig vond dat er een medewerker voor vijf dagen beschikbaar was. Ik reageerde meteen dat dat niet de bedoeling was, omdat ik op de woensdagmiddag vrij wilde zijn, aangezien mijn zoons dan ook vrij waren van school. Die waren in die tijd 6 en 10 jaar oud. Na enig overleg bleek 4½ dag wel haalbaar. Dat ik geen verstand van tafeltennis had, was geen probleem en zo is het gekomen. Overigens heb ik de achterstand in kennis van tafeltennis in al die jaren wel ingehaald 😉.

4. Wat vind je het leukste aan je werk?
De afwisseling en de vrijheid die ik daarbij heb om de werkzaamheden in te delen. En soms komen er activiteiten op mijn pad waar ik weinig verstand van heb, maar een mens is nooit te oud om te leren, toch? Natuurlijk heb ik rekening te houden met deadlines en zijn er zeker ook klussen die ik niet leuk vind, maar dat hoort er wel bij.

5. Waar ben je trots op in je werk?
Dat ik met vrijwel iedereen goed kan opschieten en aan de soms heel verschillende verzoeken kan voldoen om zowel collega’s als vrijwilligers en externen te helpen of te assisteren.
En dat ik ook van iedereen het vertrouwen krijg bij het vragen naar allerlei, soms heel persoonlijke, gegevens. Iedereen heeft er vertrouwen in dat ik daar netjes mee omga.

6. Wat zijn je toekomstplannen?
O jee, dat zijn er nog heel veel. Als het goed is, word ik in juli 2027 gepensioneerd, maar ik weet nu al dat de geraniums het nog heel lang zonder mij moeten stellen en dat er geen zwart gat zal zijn.
Ik ben ook nu al oppasoma (van een kleindochter van 2 en twee kleinzoons van 11 en 15) en daar wil ik zeker niet mee stoppen. Ik wil mij nog intensiever inzetten voor de lokale tafeltennisvereniging om onder andere schuiftafeltennis meer in de sportlights te zetten. Ik denk dat heel veel mensen op die manier sportief bezig kunnen zijn. Ik wil in de zomerperiode vaker helpen bij het lokale zwembad, het hele jaar door vaker ingezet worden als EHBO-hulpverlener bij grote evenementen, ik wil nog een opleiding gebarentaal gaan doen, ik heb nog heel veel boeken die ik moet lezen, ik wil wat meer weekendjes weg plannen om musea te bezoeken, vaker naar het theater gaan, en nog veel meer. En misschien meld ik me ook weer bij de NTTB voor bepaalde klussen, want daar is nog genoeg te doen.

Ik vrees dat dit ook niet allemaal gaat passen in de beschikbare tijd, dus ik zal keuzes moeten maken. Tot die tijd blijf ik me dagelijks inzetten voor de NTTB en met name mijn collega’s en de vrijwilligers ondersteunen.

7. Als je een superkracht zou mogen kiezen voor je werk, welke zou dat dan zijn?
Het vermogen om af en toe niet te hoeven slapen om een dag twee keer zo lang te maken en meer te doen voor de ontwikkeling van tafeltennis. Ik kom tijd tekort om alles te doen wat ik zou willen.

8. Wat zijn je hobby’s?
Oppassen en actief bezig zijn met de kleinkinderen, lezen, weekendjes weg, theater bezoeken, lekker uit eten gaan, actief zijn als secretaris van de tafeltennisvereniging, actief zijn als linking pin tussen de Vereniging van Eigenaars van ons woongebouw en de beheerder, actief zijn als secretaris van de EHBO-vereniging en af en toe inspringen als hulpverlener, actief zijn als vrijwilliger bij het lokale zwembad. En natuurlijk mij overal mee bemoeien waar ik denk dat het nodig is.

9. Welke verborgen talenten heb je?
Dat is een lastige vraag. Als ik die ga vertellen, zijn ze niet meer zo verborgen. Iedereen moet het maar doen met de talenten die in de loop van de tijd naar buiten komen.

 

10. De laatste keer vroegen we aan Han Gootzen welke vraag hij jou zou willen stellen. Zijn vraag aan jou is “Wat vind je de grootste verandering tussen jouw tijd in Zoetermeer (toen het nationale team daar trainde) en nu?”
Ik heb Han nog meegemaakt als hoofdbestuurslid en ik ken hem inderdaad al heel lang. De grootste verandering is absoluut de innovatie die in tafeltennis heeft plaatsgevonden. Voor spelers houdt dat in dat de materialen die toen werden gebruikt tegenwoordig absoluut niet meer voldoende zijn om mee te kunnen en dat spelers zich veel verder en sneller moeten ontwikkelen om alle vernieuwingen bij te houden. Dat geldt niet alleen voor de gebruikte materialen, maar ook zeker voor techniek en tactiek.

Voor het werk en de maatschappij in het algemeen is dat zeker de razendsnelle ontwikkeling van technologie. In mijn begintijd bij de NTTB had ik als enige medewerker een computer tot mijn beschikking, met WP 5.1. Berichten werden per telex verstuurd. Een fax stond er wel, maar werd niet heel veel gebruikt, omdat bijna niemand in het bezit was van een fax om documenten te kunnen versturen. Vandaag de dag is het niet meer voor te stellen dat wie dan ook geen mobiele telefoon heeft en/of een laptop of tablet. Door de ontwikkeling van AI kunnen we dingen veel sneller en beter organiseren en uitvoeren en AI voor ons aan het werk zetten om dingen te verzinnen. De diverse afdelingen en werkzaamheden zijn gewoon niet meer te vergelijken met die uit mijn begintijd.

Tegelijkertijd moeten we, hoe handig en praktisch de technologische ontwikkelingen ook zijn, steeds meer uitkijken voor fake news en nepberichten. En dat onderscheid wordt ook steeds lastiger te maken.

Wat ik wel heel leuk vind, is dat ik nu met heel veel jonge collega’s werk die allemaal op hun eigen manier een boost geven aan tafeltennis in Nederland.

11. De volgende collega die we vragen gaan stellen is Johan Lieftink. Welke vraag zou je hem willen stellen?
Johan ken ik ook al heel lang, eerst zijdelings omdat para-tafeltennis toen nog niet bij de NTTB was ondergebracht, maar bij de NEBAS, de Nederlandse Bond voor Aangepast Sporten. Toen para-tafeltennis ook via de Tafeltennisbond werd aangeboden, werd het contact wat intensiever.

Hij is natuurlijk al jarenlang de vaste trainer en begeleider van Kelly van Zon, onze Paralympische kampioene, en daarmee medeverantwoordelijk voor haar vele titels. Ik ben benieuwd hoe hij de ontwikkeling van para-tafeltennis in de toekomst ziet. Want ook para-tafeltennis is in al die jaren natuurlijk ontwikkeld en sneller geworden. Komen er ook nieuwe talenten aan die een rol gaan spelen op het wereldtoneel en wat is er nodig om dat doel te bereiken?

Succes met de beantwoording van jouw elf vragen, Johan.