De ontwikkeling van de contributies voor senioren bij verenigingen in tien sporttakken loopt achter op de inflatie. Dit blijkt uit de contributiemonitor van het Mulier Instituut, de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen en Fontys Marketing & Communicatie.
Het gaat om atletiek, handbal, hockey, voetbal, golf, tafeltennis, handboogschieten, schaatsen/skeeleren, toerfietsen en wandelen. In dit onderzoek zijn de jaarcontributies in het seizoen 2022/2023 vergeleken met die van het seizoen 2020/2021.
Meeste contributies stijgen licht, maar niet in tafeltennis
Senioren zijn gemiddeld 5 euro meer voor het lidmaatschap van een atletiekvereniging (van 147 naar 152 euro) en een voetbalvereniging (van 200 naar 205 euro) gaan betalen. Bij hockeyverenigingen is de gemiddelde contributie voor senioren gestegen van 306 naar 320 euro. De golfsport kent de grootste stijging (van 908 naar 964 euro). Bij handbal- en tafeltennisverenigingen is de gemiddelde contributie op hetzelfde niveau gebleven.
Contributiestijging verwacht
Op zich is dit natuurlijk goed nieuws voor de tafeltennisser. De realiteit is wel dat de kosten voor de verenigingen door de inflatie wél omhoog zijn gegaan. Een verhoging van de contributie kan bijna niet uitblijven.
Ook de contributie van de NTTB zal stijgen. Hierin zit een vertraging, doordat de contributie voor het lopende jaar (2023) wordt vastgesteld in Bondsraadsvergadering van het jaar ervoor (2022), volgens het CBS-prijsindexcijfer van het afgeronde jaar dáárvoor (2021). De inflatie die vanaf 2022 hard is gestegen, is derhalve tot nu toe nog niet in de bondscontributie verwerkt. In 2024 zal de contributie dus geïndexeerd worden met de prijsindex van 2022.*
*Bondsraadsbesluit in het najaar van 2023