Regelgeving

Regelgeving

Verenigingen hebben te maken met veel verschillende wet- en regelgevingen. NOC*NSF heeft in 2003 het handboek wet- en regelgeving voor sportverenigingen uitgebracht. Niet alle bedragen en dergelijke die in het boekje genoemd worden zijn nog up to date maar voor het grootste gedeelte is de informatie nog steeds van toepassing. Hieronder straan de hoofdstukken die het meest van toepassing zijn voor een vereniging. 

Statuten

De organisatie van een vereniging wordt bepaald door de wet en de statuten. De statuten zijn het geheel van regels waaraan de vereniging gedurende haar bestaan is onderworpen. Afwijken van de statuten is wettelijk niet toegestaan, zelfs niet als alle leden het met een afwijking eens zijn. Als afwijking van de statutaire bepalingen nodig of gewenst is, dan zal de algemene ledenvergadering tot wijziging van deze bepaling moeten besluiten. Vervolgens moeten de aanpassingen van de statuten door de notaris in een nieuwe akte worden opgenomen. Pas wanneer een gewaarmerkte kopie van de akte in het handelsregister van de Kamer van Koophandel is opgenomen zijn de nieuwe statuten rechtsgeldig

Huishoudelijk reglement

Naast de statuten wordt het interne recht van een vereniging ook beheerst door het huishoudelijk reglement. Het huishoudelijk reglement van een vereniging omvat vaak diverse onderwerpen zoals procedurevoorschriften, inhoudelijke voorschriften rondom het gebruik van de accommodatie en gedragsregels (bijvoorbeeld kledingvoorschriften).

Er bestaat een verschil tussen verplichte en vrijwillige onderdelen. Verplichte onderdeln worden door de statuten geëist (bijvoorbeeld een procedure over het toelaten van leden). Vrijwillige onderdelen kunnen bijvoorbeeld de kledingvoorschriften zijn.

Algemene ledenvergadering

De algemene ledenvergadering (ALV) is het hoogste orgaan binnen een vereniging en wordt gevormd door de leden van de vereniging. De wet zegt dat het bestuur van een vereniging jaarlijks (uiterlijk zes maanden na afloop van het boekjaar) rekening en verantwoording moet afleggen aan de ALV. Dat gebeurt minimaal door het overleggen van de balans en de staat van baten en lasten met toelichting.

Ieder lid van de vereniging heeft toegang tot de ALV en recht om zijn of haar stem uit te brengen. Ouders van jeugdleden hebben in principe geen stemrecht tenzij dit door de vereniging in de statuten zo is bepaald. Ook van geschorste leden vervalt het stemrecht en zij mogen ook niet aanwezig zijn op de ALV’s tijdens hun schorsingsperiode tenzij het de ALV betreft waar de schorsing op de agenda staat.

Vergoedingen voor vrijwilligers

Bij veel verenigingen zijn de trainers en andere vrijwilligers niet in dienst, zij ontvangen voor hun inzet een vrijwilligersvergoeding. De wet heeft vastgelegd hoeveel een vrijwilliger onbelast mag ontvangen. De maximale vergoeding per uur verschillen voor vrijwilligers van jonger dan 23 jaar en 23 jaar of ouder.

  • De vergoeding mag niet meer zijn dan € 2,50 per uur (jonger dan 23) of € 4,50,- per uur (23 of ouder);
  • De vergoeding mag niet meer zijn dan € 150,- per maand;
  • De vergoeding mag niet meer zijn dan € 1500,- per jaar.

Ontvangt een vrijwilliger meer dan bovengenoemde bedragen dan gaat de belastingdienst uit van een vergoeding die in verhouding staat met de omvang en het tijdsbeslag van het werk en moet er over de vergoeding loon- en inkomstenbelasting betaald worden. Naast deze vergoedingen mogen dan ook geen andere vergoedingen zoals reiskostenvergoedingen worden betaald. Gebeurt dit wel en wordt het uur-, maand- of jaarbedrag overschreden dan moet er weer loon- en inkomstenbelasting worden betaald. Op de website van de Werkgeversorganisatie Sport is het mogelijk om via een digitale vragenlijst eenvoudig te achterhalen of een vereniging aan de wettelijke eisen voldoet. 
 

Extra inkomsten
Verenigingen proberen op veel verschillende manieren extra inkomsten te genereren. Een veel voorkomende actie is het organiseren van een loterij of bingo of het uitschrijven van een prijsvraag. Wat veel verenigingen niet weten is dat dit soort zaken door de wet gezien wordt als kansspel. Wanneer het prijzenbedrag (ook in goederen) lager is dan € 4500,- volstaat het aanvragen van een vergunning bij de gemeente, is het bedrag hoger dan € 4500,- dan moet er een vergunning aangevraagd worden bij het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Ook door middel van sponsoring worden veel extra inkomsten geworven. Inkomsten uit sponsoring worden opgeteld bij de inkomsten via andere diensten (entreegelden, reclamegelden, loterij) en zijn tot de grens van € 31.765,- vrijgesteld van BTW. Zijn de inkomsten hoger dan moet er over het gehele bedrag belasting betaald worden. Ook sponsoring in natura wordt in dit bedrag meegenomen. Sponsoring die meerdere jaren gebruikt kan worden, wordt meegeteld in het jaar van de verkrijging.

Een gift is een bijdrage die zonder tegenprestatie van de vereniging ontvangen wordt. Over giften hoeft geen BTW betaald te worden en hoeft ook niet meegeteld te worden in de € 31.765,- die hierboven genoemd wordt. Wanneer je als sportvereniging een SBBI status hebt kan de schenker de gift van zijn of haar belastbaar inkomen aftrekken.