13 september 2019

Interview nieuw bestuurslid Frans Lambi

‘Alles wat we doen is mensenwerk’

Het bestuur van de Tafeltennisbond kent sinds kort drie nieuwe gezichten: Eline Rondaij, Frans Lambi en Jan-Gerard Wever. De start van het nieuwe seizoen is een mooi moment om de nieuwelingen voor te stellen. Dat doen we met een interview. We starten met Frans Lambi, die sportparticipatie en opleidingen in zijn portefeuille heeft.

‘Waar ik mee ben gestart? Ik wil mijn aandachtsgebied verder leren kennen en de mensen ontmoeten die zich daarvoor inzetten. Verder ga ik me alvast oriënteren op internationale trends op het gebied van tafeltennistechnologie’, antwoordt de 64-jarige Frans Lambi als we hem vragen naar zijn doel op korte termijn. Dat er voldoende uitdagingen zijn, onderschrijft hij: ‘Ik wil me vooral bezighouden met nieuwe ontwikkelingen, die door mijn voorganger Koen Jacobs al in gang zijn gezet, zoals lidmaatschapsvernieuwing, de introductie van schuiftafeltennis, Oldstars, Pingpong- en Kantinebaas en verenigingsontwikkeling. Ook wil ik de mogelijkheden onderzoeken om nieuwe technologie in te zetten om de sport nog aantrekkelijker en interessanter te maken. Deze vernieuwingen zullen ook van invloed zijn op het opleidingsprogramma.’

Innovatie

Frans Lambi is voorzitter van TTV Shot Wageningen en kwam in het voorjaar uit in de 4e klasse, waarin hij als allround speler graag de aanval kiest. Geldt dat ook voor zijn manier van besturen? Frans: ‘Ik zou me zelf willen omschrijven als een mensgerichte vernieuwer. Ik houd ervan om nieuwe ideeën te ontwikkelen en in de praktijk te testen. Innovatie is voor mij een breed terrein. Dat kan te maken hebben met organisatie, nieuwe werkwijzen, nieuwe hulpmiddelen, nieuwe structuren enzovoorts. In technische zin heb ik affiniteit met digitalisering, het internet of things en aanverwante hightech toepassingen. Tafeltennis is altijd mijn favoriete sport geweest en ik vind het leuk om deze sport nog een innovatieve stimulans te kunnen geven. Of ik daar de ruimte voor heb? Ik heb redelijk wat speelruimte, als ik het zo mag uitdrukken.’

Werkervaring

Leiding en sturing geven aan een organisatie is Frans niet vreemd. Integendeel. In binnen- en buitenland heeft hij functies vervuld in diverse managementrollen. Sinds 1997 heeft hij zijn eigen adviesbureau en nog niet zo lang geleden heeft hij samen met anderen een nieuwe onderneming opgezet. Frans: ‘Vorig jaar ben ik partner geworden bij een coöperatie op het gebied van loopbaan-coaching en welzijn op het werk. Of er een parallel is te trekken met het verenigingsleven? Als voorzitter van Shot heb ik geleerd dat alles wat we doen mensenwerk is, dat voor het overgrote deel door vrijwilligers wordt uitgevoerd. Het is belangrijk dat we deze mensen koesteren, ondersteunen en gemotiveerd houden. Het persoonlijk contact is daarbij cruciaal. Ook als er wel eens spanningen zijn ga ik die niet uit de weg. Mijn ervaring is dat een eerlijk en open gesprek heel veel kan oplossen. Laat ik het zo zeggen: mijn werkervaring zal ik zeker goed kunnen gebruiken om als vrijwilliger een bijdrage te kunnen leveren aan het tafeltennisplezier van alle tafeltennisliefhebbers in Nederland.’

Bestuur

Tijdens de bondsraad werd Frans Lambi door de bondsraad benoemd als bestuurslid. Uiteraard willen we graag weten wat zijn indruk is van de afgelopen maanden. De in Bennekom woonachtige Lambi is blij met het team dat er nu is. Frans: ‘Mijn collega’s zijn erg betrokken en willen de tafeltennissport in Nederland graag verder vooruithelpen. Die motivatie spreekt mij aan. Diezelfde drive tref ik ook aan bij het Bondsbureau. Ik kom er veel betrokken en enthousiaste mensen tegen, dat geeft energie! Recentelijk heb ik ook de bondsraad ontmoet, met diverse nieuwe gezichten erbij. Ik was blij met de doorgaans positief kritische opstelling die deze groep ten toon spreidde.’

Verandering

In dezelfde bondsraad werd een eerste stap gezet naar een organisatie die meer past bij deze tijd. ‘Wat betreft de afdelingenstructuur en de bemensing ervan begrijp ik dat er best wat problemen zijn. Met name de welhaast structurele onderbezetting speelt ons parten. Daar moet wat aan gebeuren’, vervolgt de oud-speler van Kerkrade 68 (‘vele jaren geleden hoor’). Op de vraag wat er nog meer zou moeten veranderen, antwoordt hij: ‘De manier waarop we jeugd werven en behouden binnen de vereniging. Eline Rondaij heeft daar goede ideeën over en daar ga ik zeker nog met haar over sparren. Daarnaast de promotie van onze sport in het algemeen. Op een of andere wijze moeten we proberen de sport cool te maken en dat ook op bijpassende wijze communiceren. In dat kader zou het mooi zijn als we wat vaker op TV in beeld zouden kunnen komen. Nationaal zal niet zo gemakkelijk zijn, maar regionaal zijn er wellicht wat meer mogelijkheden.’ Verandering is geen doel an sich.  ‘Zeker niet. We zullen competitie en toernooien moeten behouden, daar kunnen spelers beter worden en plezier beleven. Bovendien is een belangrijk aspect van onze sport het sociaal samenzijn. Na de inspanning of “strijd” op een prettige manier met elkaar omgaan, ervaringen uitwisselen, samen iets drinken, ook dat is tafeltennis!’